U heeft recht op zorgtoeslag als u 18 jaar of ouder bent en een Nederlandse basiszorgverzekering heeft. Daarnaast mogen uw jaarinkomen (max. € 37.496) en vermogen (max. € 140.213) de wettelijke grenzen niet overschrijden.
Dit artikel is gebaseerd op de officiële richtlijnen van Dienst Toeslagen en de Rijksoverheid voor het jaar 2026.
Wat betekent dit voor u?
De zorgtoeslag is een maandelijkse bijdrage van de Nederlandse overheid. Deze toeslag helpt u om de kosten van uw Nederlandse basiszorgverzekering te betalen. De overheid wil hiermee de zorg voor iedereen toegankelijk en betaalbaar houden.
Niet iedereen krijgt automatisch zorgtoeslag. U moet hiervoor aan strikte wettelijke regels voldoen. Deze regels gaan over uw leeftijd, uw nationaliteit, uw zorgpolis, uw inkomen en uw spaargeld. Dienst Toeslagen controleert deze gegevens bij uw aanvraag.
Om uw recht goed te kunnen inschatten, is het verstandig om ook het hoofdartikel over de zorgtoeslag te lezen. Daarin vindt u de basismethode voor de berekeningen en de aanvraagstappen. In dit artikel gaan we dieper in op de specifieke voorwaarden en de actuele grensbedragen die voor u gelden in 2026.
Zorgtoeslag Voorwaarden
Om in aanmerking te komen voor de zorgtoeslag moet u aan vijf basisvoorwaarden voldoen. Als u aan één van deze eisen niet voldoet, heeft u helaas geen recht op de bijdrage. We bespreken deze regels hieronder in detail.
1. Minimale leeftijd en inschrijving
U moet minimaal 18 jaar oud zijn om zorgtoeslag te kunnen ontvangen. Het recht op de toeslag gaat in vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin u 18 jaar bent geworden.
Jongeren onder de 18 jaar hoeven in Nederland geen premie te betalen voor de zorgverzekering. Zij vallen onder de polis van hun ouders en zijn gratis meeverzekerd. Daarom hebben zij ook geen recht op een tegemoetkoming van de overheid.
2. Verblijfsstatus en nationaliteit
U moet de Nederlandse nationaliteit hebben of beschikken over een geldige verblijfsvergunning. Als u tijdelijk in het buitenland woont of werkt, gelden er speciale regels. U moet dan soms uw recht op zorgtoeslag apart laten beoordelen.
Burgers uit de Europese Unie (EU) die in Nederland werken en hier verzekerd zijn, hebben onder dezelfde voorwaarden recht op zorgtoeslag als Nederlandse burgers. Hun status is gelijkgesteld aan die van Nederlandse staatsburgers.
3. Nederlandse basiszorgverzekering
U moet een Nederlandse basisverzekering hebben afgesloten bij een erkende zorgverzekeraar. U betaalt hiervoor maandelijks de nominale premie aan uw verzekeraar. Een aanvullende verzekering of een tandartsverzekering is niet verplicht voor de toeslag.
Als u militair in actieve dienst bent, bent u via een aparte defensieregeling verzekerd. U betaalt dan geen reguliere zorgpremie en heeft daarom geen recht op zorgtoeslag. Ook gemoedsbezwaarden die om geloofsredenen geen verzekering hebben, krijgen geen zorgtoeslag. Zij betalen in plaats daarvan een vervangende belasting.
4. De inkomensgrenzen voor 2026
De zorgtoeslag is bedoeld voor huishoudens met een laag tot gemiddeld inkomen. Dienst Toeslagen kijkt naar uw toetsingsinkomen. Dit is uw totale bruto jaarinkomen. Dit inkomen bestaat uit uw salaris, eventueel vakantiegeld, uitkeringen en inkomsten uit vermogen.
De inkomensgrenzen worden elk jaar aangepast. Voor het jaar 2026 gelden de volgende harde grenzen:
- Voor alleenstaanden: Uw toetsingsinkomen mag in 2026 niet hoger zijn dan € 37.496 per jaar.
- Voor toeslagpartners: Uw gezamenlijke toetsingsinkomen mag in 2026 niet hoger zijn dan € 47.368 per jaar.
Als uw inkomen ook maar één euro boven deze grens ligt, vervalt uw recht op zorgtoeslag voor het gehele kalenderjaar. Het is daarom van groot belang dat u uw inkomen nauwkeurig inschat bij de aanvraag.
Hoe zit het met stagevergoedingen?
Veel studenten lopen stage en ontvangen daarvoor een stagevergoeding. Deze vergoeding telt voor de Belastingdienst mee als loon uit tegenwoordige dienstbetrekking. Dit betekent dat het bedrag wordt opgeteld bij uw totale toetsingsinkomen voor het betreffende belastingjaar.
Als u naast uw stagevergoeding ook een bijbaan heeft, moet u de inkomens van beide banen bij elkaar optellen om uw recht op zorgtoeslag te bepalen. Als het totale bedrag onder de grens van € 37.496 blijft, behoudt u gewoon uw recht op de bijdrage. Als de stagevergoeding uw enige bron van inkomsten is, blijft u in de praktijk vrijwel altijd ruim onder de wettelijke grenzen, waardoor u recht heeft op de maximale zorgtoeslag.
5. De vermogensgrens (Spaargeld en beleggingen)
De overheid vindt dat mensen met veel spaargeld hun zorgpremie zelf moeten kunnen betalen. Daarom geldt er een vermogenstoets voor de zorgtoeslag. Het vermogen is de waarde van uw bezittingen op 1 januari van het betreffende belastingjaar.
Onder het vermogen vallen onder andere uw spaarsaldi, aandelen, obligaties en cryptovaluta. Uw eigen woning waarin u zelf woont, telt niet mee voor deze vermogenstoets. Ook uw auto voor persoonlijk gebruik is vrijgesteld.
De maximale vermogensgrenzen voor het jaar 2026 zijn als volgt vastgesteld:
- Alleenstaande aanvragers: Uw eigen vermogen mag op 1 januari 2026 maximaal € 140.213 bedragen.
- Aanvragers met toeslagpartner: Het gezamenlijke vermogen van u en uw partner mag op 1 januari 2026 maximaal € 177.301 bedragen.
Zit uw vermogen op 1 januari boven deze grens? Dan heeft u voor dat hele jaar geen recht op zorgtoeslag. Dit geldt ook als u gedurende het jaar al uw spaargeld uitgeeft. De peildatum van 1 januari is wettelijk bindend.
Wat telt niet mee als vermogen?
Bij de beoordeling van uw vermogen voor de zorgtoeslag zijn bepaalde bezittingen wettelijk vrijgesteld. De Belastingdienst telt de volgende posten niet mee:
- Eigen woning: De waarde van de woning die uw hoofdverblijf is, en de eventuele hypotheekschuld daarop, tellen niet mee.
- Persoonlijke bezittingen: Uw auto, inboedel en andere persoonlijke spullen worden niet meegerekend voor het vermogen.
- Ondernemingsvermogen: Als u zelfstandig ondernemer bent, telt het vermogen in uw onderneming (zoals bedrijfsmiddelen en zakelijke banktegoeden) niet mee voor uw privévermogen.
- Groen beleggen: Beleggingen in maatschappelijke of milieuvriendelijke projecten zijn tot een bepaald wettelijk maximum vrijgesteld van belasting en tellen dus ook niet mee voor de toeslagen.
Tabellen en Cijfers
De hoogte van de zorgtoeslag is afhankelijk van uw exacte inkomen. Hoe minder u verdient, hoe meer toeslag u krijgt. De Belastingdienst maakt gebruik van een glijdende schaal om het maandbedrag te bepalen.
In de onderstaande tabel ziet u de geschatte maandelijkse zorgtoeslag in 2026 bij verschillende inkomensniveaus voor alleenstaanden en partners:
| Jaarinkomen (bruto) | Maandbedrag alleenstaande | Gezamenlijk jaarinkomen partners | Gezamenlijk maandbedrag partners |
|---|---|---|---|
| Tot € 25.000 | € 123,00 | Tot € 30.000 | € 236,00 |
| € 28.000 | € 98,00 | € 35.000 | € 175,00 |
| € 32.000 | € 56,00 | € 40.000 | € 112,00 |
| € 35.000 | € 25,00 | € 45.000 | € 42,00 |
| Vanaf € 37.496 | € 0,00 | Vanaf € 47.368 | € 0,00 |
De bedragen in deze tabel laten duidelijk zien dat de toeslag snel afbouwt naarmate uw inkomen stijgt. Dit zorgt voor een geleidelijke overgang. Hierdoor loont het om meer te gaan verdienen, omdat u niet direct uw volledige toeslag verliest.
Praktische Voorbeelden
De regels rondom inkomen, vermogen en partnerschap kunnen complex zijn. We illustreren de werking van de voorwaarden aan de hand van twee herkenbare praktijksituaties.
Scenario 1: De werkende student met spaargeld
- Situatie: Sanne is 21 jaar en studeert aan de hogeschool. Zij heeft een bijbaan waarmee zij € 14.500 bruto per jaar verdient. Zij heeft daarnaast een spaarrekening opgebouwd met € 25.000. Zij woont in een studentenhuis.
- Toetsing:
- Haar leeftijd is 21 jaar, wat voldoet aan de eis van minimaal 18 jaar.
- Zij heeft een geldige Nederlandse basiszorgverzekering.
- Haar toetsingsinkomen (€ 14.500) ligt ruim onder de grens voor alleenstaanden van € 37.496.
- Haar vermogen op 1 januari (€ 25.000) ligt ver onder de vermogensgrens van € 140.213.
- Haar huisgenoten tellen niet mee als toeslagpartner, omdat zij geen samenlevingscontract of gezamenlijk kind hebben.
- Resultaat: Sanne voldoet aan alle voorwaarden. Zij ontvangt de maximale zorgtoeslag van € 123 per maand.
- Uitleg: Omdat zij geen toeslagpartner heeft, wordt alleen haar eigen situatie getoetst. Haar spaargeld is ruim beneden de wettelijke limiet.
Scenario 2: Het samenwonende stel (Toeslagpartners)
- Situatie: Thomas (28) en Linda (26) wonen samen in een huurappartement. Zij hebben een geregistreerd partnerschap gesloten. Thomas verdient € 28.000 bruto per jaar. Linda verdient € 22.000 bruto per jaar. Hun gezamenlijke spaargeld bedraagt € 15.000.
- Toetsing:
- Beiden zijn ouder dan 18 jaar en hebben een Nederlandse zorgverzekering.
- Door hun geregistreerd partnerschap zijn zij wettelijk toeslagpartners van elkaar.
- Hun gezamenlijke toetsingsinkomen is € 28.000 plus € 22.000 is € 50.000 per jaar.
- Dit gezamenlijke inkomen is hoger dan de partnerinkomensgrens van € 47.368.
- Hun gezamenlijke vermogen (€ 15.000) ligt wel ruim onder de grens van € 177.301.
- Resultaat: Thomas en Linda hebben samen geen recht op zorgtoeslag. Hun aanvraag wordt afgewezen.
- Uitleg: Hoewel zij individueel wel onder de alleenstaandengrens zouden vallen, worden hun inkomens als partners bij elkaar opgeteld. Omdat de som boven de partnergrens ligt, vervalt het recht op zorgtoeslag voor beiden.
Veelgestelde Vragen & Onduidelijkheden
Bij het beoordelen van de voorwaarden ontstaan vaak specifieke vragen over partnerschap en wijzigingen in het inkomen gedurende het jaar. We bespreken de belangrijkste situaties.
Wanneer bent u toeslagpartner van elkaar?
U bent niet automatisch toeslagpartners als u alleen maar op hetzelfde adres woont. U wordt pas toeslagpartners als u aan één van de volgende criteria voldoet:
- U bent getrouwd of heeft een geregistreerd partnerschap.
- U heeft samen een notarieel samenlevingscontract getekend.
- U staat samen ingeschreven op het adres en heeft samen een kind.
- Een van u heeft het kind van de ander erkend.
- U bent voor de pensioenregeling aangemeld als partner.
- U bent samen eigenaar van de woning waarin u woont.
- Er woont ook een minderjarig kind van een van u beiden op het adres (tenzij u kunt aantonen dat het om onderhuur gaat).
Als u enkel met een huisgenoot of vriend samenwoont zonder deze contracten of kinderen, bent u geen toeslagpartners. U vraagt de zorgtoeslag dan aan als alleenstaande.
Wat als uw inkomen tijdens het jaar verandert?
Uw zorgtoeslag wordt gedurende het jaar uitbetaald als een voorschot. Dit voorschot is gebaseerd op het geschatte jaarinkomen dat u heeft opgegeven.
Als u promotie maakt, meer uren gaat werken of een nieuwe baan vindt, stijgt uw jaarinkomen. Geef deze wijziging direct door via Mijn Toeslagen. Dienst Toeslagen past uw voorschot dan direct aan voor de resterende maanden van het jaar.
Als u dit niet doet, ontvangt u maandelijks te veel toeslag. Dit moet u dan na afloop van het jaar, bij de definitieve afrekening, in één keer terugbetalen. Het is daarom verstandig om uw inkomen altijd aan de hoge kant in te schatten om naheffingen te voorkomen.
Wat gebeurt er als u gaat samenwonen?
Als u gaat samenwonen en uw nieuwe huisgenoot wordt uw toeslagpartner, verandert uw situatie per direct. Vanaf de eerste dag van de volgende maand telt het inkomen en het vermogen van uw partner mee.
Dit betekent dat de toeslag kan dalen of volledig kan stoppen. Meld het samenwonen daarom zo snel mogelijk bij Dienst Toeslagen. Hiermee voorkomt u dat u achteraf toeslag moet terugbetalen over de maanden dat u al samenwoonde.
Hoe toetst de fiscus het vermogen?
De Belastingdienst controleert uw vermogen via de banken en financiële instellingen. Zij geven uw saldi van 1 januari door aan de fiscus.
Dit betekent dat tijdelijke schommelingen gedurende het jaar geen invloed hebben op uw recht. Als u op 2 januari een grote erfenis ontvangt, heeft dit geen gevolgen voor uw zorgtoeslag in dat lopende jaar. Pas op 1 januari van het daaropvolgende jaar telt dit vermogen mee voor de nieuwe toets.